Besef je je ook wel eens, plotseling, dat iets wat vroeger is gebeurd nog steeds impact heeft op je leven nu? Ik heb het niet over grote dingen, maar de kleine momenten die onschuldig leken. Ik vier bijvoorbeeld bijna nooit mijn eigen verjaardag. Ik vind het leuk als jij een feestje geeft, maar voor mezelf hoeft het niet zo nodig. Ik ben er pas achter dat dat allemaal de schuld is van Saddy V. In de eerste klas van de middelbare school (toch al zo'n pijnlijke leeftijd, dertien) zou Saddy op mijn verjaardag komen. Nou moet je weten: ik was net nieuw op de school, net nieuw in die buurt, ik kende niemand. En zij was het allerpopulairste meisje van alle brugklassen bij elkaar. En ze was mijn vriendin. Maar ze deed wel precies waar ZIJ zin in had, en alleen wanneer het haar uitkwam. Achteraf gezien was ze waarschijnlijk vooral mijn vriendin omdat ze naast mij beter uit de verf kwam. Je kent ze wel, die types. Naast mij leken haar borsten nog groter, haar kleren hipper en haar grote mond nog stoerder. Hoe dan ook, ze was mijn vriendin en ze zou op mijn verjaardagsfeestje komen. Maar op mijn verjaardag zelf belde ze af. ZE BELDE AF. Met een stom excuus over ongesteld zijn (en ik was dat nog niet eens, dus voor mij was het een dubbelstomme smoes). Mijn echte vriendinnen kwamen wel (Daph, Diane, "rooie" Bri, Natascha en Jennifer) maar ik was diepdiepdiep teleurgesteld. Toen leek het een incident. Maar onlangs vroeg ik me af waarom ik toch nooit mijn eigen verjaardag vier: omdat ik bang ben dat mensen afbellen. Ha! Wat een inzicht. Scheelt me weer een paar jaar therapie.
Heb je ook van die momenten die klein leken toen je opgroeide, maar achteraf van grote invloed waren? Wat dacht je van deze:
Ik had flaporen (nouja, de linker wilde niet meewerken) en dat hield ik altijd goed verborgen onder mijn lange haar dat ik - dat begrijp je wel - nimmer omhoog droeg. Paardestaartje? Mooi niet! Aan de hele wereld mijn oren laten zien zeker. Totdat het op een dag regende en ik met Jerry de R. over de Fred wandelde en hij heel hard begon te lachen. De regen had mijn haar plat op mijn hoofd gedrukt. Zie je het voor je? Veertien jaar, super ijdel, met de vlam van je vriendin (waar jij ook stiekem verliefd op bent) op straat, proberen zo leuk mogelijk over te komen en al je onzekerheden te verbergen en dan plakt je zorgvuldig gestylde haar nat tegen je hoofd. En erger nog: steekt je linker oor uit je natte kapsel! "Ik wist niet dat je flap oren had!" riep ie spottend. Ja, de liefde was flink bekoeld. En het telefoonnummer van de dokter snel gevonden. Later - heel veel later, toen ik een jaar of 26 was, en na jaren weer vrijgezel, was ik degene die lachte. Toen ik - met inmiddels gecorrigeerde oren - Jerry de deur heb gewezen omdat ik vond dat ie niet lekker zoende (natuurlijk heb ik dat niet gezegd). Ha!
Ik weet nog dat ik perse "bowling" schoenen wilde, terwijl de rest van de school op "college" schoenen liep. Nu heb ik het over de lagere school, een jaar of acht. Mijn moeder zei nog, in de winkel "Weet je het zeker? Echt iedereen heeft die andere schoenen, wil je niet liever ook die?" Maar ik weet nog hoe ik me voelde in die winkel. Ik wilde die witte schoenen met een grijze bliksem van leer op de zijkant gestikt. Ik wilde NIET wat alle anderen hadden. Ik wilde uniek zijn, mijn eigen individu.
De dag daarna kwam ik huilend thuis. Ze hadden me allemaal uitgelachen om mijn bowling schoenen. Ik heb ze nooit meer aangehad. Mijn moeder heeft toen heel lief alsnog donkerblauwe 'college' schoenen gekocht (met zo'n kwastje aan de voorkant) en ik heb braaf met de kudde meegedaan. Op dat moment, daar op die PC Hooftschool, is mijn gevoel voor eigen stijl de kop ingedrukt. Ik ben geen trend meeloper (alhoewel ik wel een paar skinny jeans heb) maar ik ben ook zeker geen fashionista voorloper. Zoals mijn vriendin Brigitte, die standaard d'r hele jeugd gepest is met d'r excentrieke kledingsmaak. God, wat had ik een bewondering voor haar. Nog steeds hoor. Maar vooral toen, werd ze ermee gepest (we hebben zelfs een keer moeten rennen voor ons leven, toen we wel 20 keer langs Jerry de R.'s voordeur hadden geparadeerd, in de hoop dat ie toevallig naar buiten kwam, en een paar meisjes uit de straat vonden dat je met zulke lelijke strikken in je haar - Brigitte's handelsmerk destijds - toch echt een paar klappen verdiende). Brigitte droeg ze de dag erna gewoon weer. En de dag daarna, en daarna en daarna. Voor haar was dit waarschijnlijk ook een memorabel moment in d'r jeugd, maar ze heeft 'r niks aan over gehouden (of het moet een zelfs sterker gevoel voor eigenwaarde zijn, EN een mode ontwerper als man!).
Ach, zo kan ik nog wel even doorgaan. Als enige een beugel dragen, was ook niet leuk. We hebben allemaal wel wat. De psychologen varen er wel bij. Iedereen voelt zich bij tijden weleens een buitenstaander. Ik leef nog, en dat zonder anti-depressiva. Alles bij elkaar genomen is de emotionele schade redelijk beperkt gebleven.
Maar nu ben ik moeder en herleef ik al die pijnlijke opgroei momenten. Ik heb me er net bij neergelegd dat mijn kind waarschijnlijk een psychische tik heeft overgehouden aan touwklimmen, komt de volgende fase alweer om de hoek kijken. "Ik hoor er niet bij". En wat is dat pijnlijk. Waarom weet ik ook niet, maar ze wil altijd spelen met "de twee tweelingen" zoals ik ze noem. En de twee tweelingen met haar. Tot dusver geen psychisch leed. In het verleden hebben we wel hele huilsessies gehad om het feit dat Imani geen tweelingzus heeft, zoals de rest. Door de dynamiek in de groep komt het wel eens voor dat Imani letterlijk het 5e wiel aan de wagen is. Ze zijn allemaal heel dol op elkaar, maar zodra ze met z'n allen spelen, paren de tweelingen op in groepjes van twee. Imani moet er maar mee leren omgaan. Ik kan het niet voor d'r oplossen, ook al doet het me soms pijn. Het is niet altijd zo natuurlijk, maar gisteren wel. Het was zondag, lekker weer en alletwee de tweelingen hebben pas nieuwe fietsen gehad. Dure fietsen. Echte fietsen. Maar Imani had vorig jaar voor d'r 5e verjaardag een kinderfiets gekregen. Met een roze gebloemd mandje op het stuur en franjes aan de handvatten. Toen vond ze 'm prachtig. Totdat de twee tweelingen zeiden dat dat nog een kinderfiets is. Ze is al zo gevoelig voor het feit dat ze jonger is dan hen, nog niet op de echte school zit zoals zij. En nu is d'r fiets - die ze een paar minuten geleden nog prachtig vond - ineens afgekeurd door d'r vriendinnen. D'r lip begon te trillen. Ineens zag ze het ook. Deze fiets is maar stom vergeleken bij die mooie fietsen van de tweelingen. MAAR... gevoelig als ze is, wilde ze dat niet vertellen aan mij. Ze vond het zielig dat ik die fiets nog niet zolang geleden voor haar gekocht had. Dus huilde ze, maar wilde ze me niet vertellen waarom. Het hielp ook niet dat ze met d'r zijwieltjes niemand kon bijhouden en dus meters achterlag op de anderen. En het was helemaal triest dat de anderen - in hun enthousiasme om hun nieuwe fietsen - niet op d'r wachten en elk detail op hun nieuwe fietsen met elkaar aan het bespreken en vergelijken waren (ze hebben allemaal dezelfde fiets, allevier). En nadat we eindelijk terug bij AnneMarie's kwamen (ik met in mijn ene arm een snikkend kind en in de andere arm haar fiets) gingen ze allevier hun fiets staan wassen! Wel een uur. Emmers, sop, tuinslang. Zo blij en trots op hun nieuwe kado. Natuurlijk. Maar Imani zat daar sip in een hoekje te huilen. Om een blaar, zei ze. Maar ik wist wel beter. Mijn hart brak opnieuw in duizend stukjes. Ze zat heel stil wel een uur aan de zijkant naar de anderen te kijken. "Imani, kom ook je fiets wassen!" riepen ze nog. Maar Imani wilde niet. Ze voelde zich alleen en anders en een buitenstaander. En ik wist niet hoe ik de pijn kon verzachten. De zijwieltjes eraf halen, maar dat maakte op dat moment niet meer uit. Ze vroeg er niet om, niet 1 keer, maar ik zou nu het liefst vandaag nog dezelfde fiets voor haar gaan kopen. Mijn moeder gaf me toch ook direct nieuwe schoenen. Zonder preek. Zonder "zie je nou wel!" Maar uiteindelijk kan ik 'r toch niet beschermen voor dit soort pijnlijke momenten die bij opgroeien horen. We komen uiteindelijk allemaal een Jerry de R. in ons leven tegen. En hij vindt altijd wel iets om te lachen. Je kan alleen maar meelachen. Maar voor dat inzicht is ze net iets te klein. En ik wist niet hoe ik het uit moest leggen gisteren. Misschien heb ik per ongeluk toch iets geroepen over een nieuwe fiets...


hier besluit ze dat ze er genoeg van heeft, en keert ze als enige om en rijdt ze hard weg om d'r fiets ergens in de bosjes neer te zetten en op een steen te gaan zitten huilen (om een blaar, zegt ze).